Vertrouw altijd op je mantel. Will kon het Halt bijna horen zeggen. Hij lag op zijn buik, verscholen onder een grove struik. Het zou niet lang meer duren voor hij ontdekt zou worden. De gehele omgeving werd nauwkeurig afgezocht, ieder blaadje, hoe klein ook, werd omgekeerd. Will vervloekte zichzelf. Hoe had hij het zover kunnen laten komen? Hij had de hele situatie kunnen voorkomen, als hij eerder had ingegrepen. Het geluid van voetstappen werd steeds luider; ieder moment kon hij ontdekt worden. Had hij nu maar niet zijn mantel thuisgelaten…

“Jongens, kijk hier!” riep een enthousiaste stem. Will slaakte een zucht van verlichting toen de voetstappen de andere kant op gingen. Dit leverde hem wat tijd op, precies wat hij nodig had. Het was nu of nooit. Geruisloos kroop hij uit zijn schuilplaats. Een paar snelle stappen brachten hem achter een kar. Geen ideale verstopplaats, maar toch net iets dichter bij de poort die hem veilig bij het kasteel zou brengen.
“Deze plek is bezet,” gromde een diepe stem vanuit de kar. “Zoek je eigen schuilplaats!” Will sprong nog net niet in de lucht van schrik.
“Ik dacht er niets van, Halt,” antwoordde Will, terwijl hij zichzelf behendig de kar in hees. Hij grinnikte bij het aanzicht van zijn mentor, opgekruld in een hoekje. “Het staat je goed, zo’n pak.” Halt’s priemende blik boorde zich in Will’s ogen, maar de jongere Jager trok er niks van aan.
“Dit is de laatste keer dat ik me door Arald laat ompraten voor zijn feest ideeën,” mompelde Halt zuur.

Will keek omlaag naar het pak dat de baron voor hem bedacht had, stilletjes verlangend naar zijn gebruikelijke, onopvallende Jagers garderobe. Hij was het vurig met Halt eens, maar toch kon hij geen medelijden voor de befaamde Jager opbrengen. Het was immers Halt die hen in deze benarde situatie terecht had laten komen…

Baron Arald had een speciaal feest in het leven geroepen om de lente te vieren met de kinderen uit zijn weeshuis. Om het extra speciaal te maken, had hij de hulp van Halt ingeschakeld. Arald maakte hierbij doelbewust gebruik van Halt’s zwak voor de wezen. De voorbereidingen voor het feest hadden de dorpelingen verscheidene dagen bezig gehouden; De binnenplaats van kasteel Redmont werd feestelijk versierd met bloemenkransen en slingers, allerlei hapjes werden voorbereid en voor de Jagers, de hoogtepunten van het feest, werden speciale pakken in elkaar gezet.

“Kijk eens bij die kar!” riep een van de kinderen. Will’s hart zonk hem in de schoenen. De twee Jagers keken elkaar aan. Ze zouden nu ongetwijfeld ontdekt worden.

De kinderen schaterden het uit van het lachen, zodra de twee helden uit de kar sprongen. Uitgedost in hun pluizige, bruine pakken sprongen ze in de rondte, terwijl ze door Jenny bereidde lekkernijen uit hun mandjes uitdeelden. Het enige geluid dat de kinderen overstemde was de bulderende lach van baron Arald.
“Vrolijk Pasen, allemaal!” riep hij, “En lang leve onze paashazen!” Will zou het nooit hardop toegeven, maar diep van binnen had hij de tijd van zijn leven.

Pasen bij de Grijze Jagers – Robin

Eén gedachte over “Pasen bij de Grijze Jagers – Robin

Reacties zijn gesloten.